·
De organisatie streeft er naar
o
door aanpassingen in ontwerp, aanleg het aantal situaties dat onder spanning werken noodzakelijk maat te reduceren
o
Door toepassing van innovatieve ontwikkelingen in materiaal en middelen de risico’s in de gevallen dat onder spanning gewerkt word te reduceren.
·
Waar mogelijk moet spanningsloos worden gewerkt. In een aantal gevallen stuit dit op bezwaren en is er een dringende noodzaak om het systeem onder spanning te houden en dus onder spanning te werken. In die gevallen kunnen bepaalde werkzaamheden onder spanning worden uitgevoerd, maar dan wel op basis van de BEI BLS en de VWI’s
·
Bij de afweging of onder spanning gewerkt mag worden, spelen de volgende factoren een rol:
-
Maken de installaties onder spanning werken mogelijk?
-
Zijn de componenten die gebruikt worden geschikt voor (de)montage onder spanning?
-
Zijn er adequate veiligheidsmiddelen beschikbaar en toepasbaar?
-
Zijn er adequate persoonlijke beschermingsmiddelen beschikbaar en toepasbaar?
-
Zijn de uitvoerende medewerkers voldoende geïnstrueerd? Weten zij voldoende van het werken onder spanning?
-
Is er een dringende noodzaak om het systeem onder spanning te houden, zijn er bijvoorbeeld maatschappelijke en/of economische belangen, of er zijn omstandigheden die verband houden met sociale en directe veiligheid, klantbelangen en/of het verkeer?
·
De medewerkers hebben een specifieke opleiding gevolgd, zowel theoretisch als praktisch, en beschikken over een geldig e aanwijzing.
·
Stel de volgende beschermingsmiddelen ter beschikking en houd toezicht op het juiste gebruik:
o
Brandvertragende en vlamboog bestendige veiligheidskleding
o
Gelaatsscherm (1000 VAC)
o
Helm (1000 VAC)
o
E-isolerende handschoenen
o
E-isolerende schoeisel en / of -isolerende mat
o
Isolerende afschermingsmiddelen
·
Stel de geëigende isolerende afschermingsmiddelen ter beschikking en houd toezicht op het juiste gebruik.
·
Stel de juiste gereedschappen en montagematerialen ter beschikking voor het onder spanning uitvoeren van de werkzaamheden.
·
De Installatieverantwoordelijke van elk bedrijf stelt een lijst op met welke van de VWI’s binnen zijn bedrijf van toepassing zijn. Afweging om VWI‘s niet of in bepaalde situaties niet van toepassing te verklaren zijn :
-
gebruikte componenten of middelen binnen het bedrijf of netdeel niet geschikt voor werken onder spanning
-
er situaties of onderdelen van het systeem (bijvoorbeeld bepaalde componenten) zijn die ontoelaatbare veiligheidsrisico’s met zich meebrengen als er activiteiten volgens bepaalde VWI’s zouden worden uitgevoerd.
·
De lijst moet
-
Minimaal een maal per jaar op actualiteit worden gecontroleerd
-
Worden aangepast als nieuwe onderdelen worden toegepast of zijn vervallen
-
Beschikbaar zijn voor iedereen die activiteiten in dat elektriciteitsvoorzieningsysteem uitvoert of uit laat voeren.
·
De installatieverantwoordelijke van het bedrijf bepaald voor welke werkzaamheden raamopdrachten mogen worden uitgegeven
·
Een Werkverantwoordelijke geeft zijn opdrachten binnen de kaders zoals die door de Installatieverantwoordelijke zijn aangegeven. Desondanks kan de Werkverantwoordelijke besluiten om een opdracht niet (of niet op een bepaalde wijze, zoals bijvoorbeeld onder spanning of in de gevarenzone) uit te laten voeren, ook al wordt het in de VWI en door de wel toegestaan. In dat geval is melding aan de (operationeel)installatieverantwoordelijke, eventueel achteraf, noodzakelijk.
·
De werkverantwoordelijke geeft een schriftelijk en ondertekende dan wel een uitdrukkelijke mondelinge opdracht de werkzaamheden uit te voeren. Specifiek voor individuele opdrachten (werkplan), nauwkeurig gespecificeerd voor raamopdrachten (herhalende activiteiten) en op basis van een VWI.
·
De Werkverantwoordelijke stelt voor gecompliceerde werkzaamheden een werkplan op.
·
De Werkverantwoordelijke zal, indien noodzakelijk, een taak risico analyse opstellen.
·
Draagt de Werkverantwoordelijke de werkzaamheden alleen aan medewerkers die over de juiste opleidingen, certificaten en aanwijzingen beschikken.